Nieuws
Interview | Collectiviteit in de praktijk: vertrouwen en experiment
Monica Adams en Folkert van Hagen zijn architecten en betrokken tien jaar geleden met hun bureaus een grote ruimte in het Keilepand. Als initiatiefnemers en aanjagers van het KeileCollectief spelen ze nu een onmisbare rol in de ontwikkeling van M4H.
Foto: Frans Hanswijk
Hoe kwam het zo, dat jullie naar een oud pand in de haven verhuisden?
Monica: “In 2011 besloten we met onze beider bedrijven in dezelfde ruimte te gaan werken, in het Diepeveengebouw waar Folkert al langer zat. Dat beviel eigenlijk wel, dus toen we naar een grotere ruimte zochten, wisten we dat we dat samen wilden doen. Toen was het de vraag: gaan we meer de stad in, of juist verder de haven in?”
Folkert: “We besloten verder de haven in te gaan, naar het randje van de stad. We hebben meerdere gebouwen verkend. Dit gebouw vonden we gelijk wel kicken. Groot en gek wel. Wij hadden een goed gevoel, maar we hadden afgesproken dat echt iedereen in het bedrijf het eens moest zijn met de plek.”
Monica: “Het gebied hier was nog zo rauw, dat leverde wel discussie op. We moesten de mensen ervan overtuigen dat het leuk en interessant zou zijn om hier naartoe te gaan. We hebben workshops met elkaar gedaan, om de potentie van deze plek te onderzoeken.”
Folkert: “We bespraken hoe de ruimte er uit moest zien en wat we als bedrijven met elkaar konden delen. Daar werden we allemaal enthousiast van. Nadat we de knoop doorhakten hadden we een half jaar om de boel te verbouwen. Om de kosten te besparen hebben we heel veel zelf uitgevoerd. We maakten een planning waarin ieder weekend werd geklust. Niemand was verplicht om mee te doen, maar ze konden zich intekenen om te helpen. Dat was een hele leuke, maar ook hele zware periode.”
Monica: “Alles in dit gebouw is groot. Dus een wandje verven is gelijk een gigantisch oppervlak. Dan moesten we in een keer duizend liter latex bestellen.”
Folkert: “Met kerst konden we verhuizen, en in januari gingen we hier aan het werk met onze twee bureaus. Maar toen was de helft van ruimte nog leeg. Vrij snel kwamen de Urbanisten erbij. En via de informele tamtam wisten veel anderen ons te vinden. Zo tegen de zomervakantie zaten we met zes bureaus op de vloer vol. Daarmee vormden we het KeileCollectief. Toen bleek dat het nog een zoektocht was om uit te vinden hoe dat werkt, zo met elkaar in een grote ruimte werken. Het concept was mooi, maar in de praktijk moet je werken aan het onderlinge vertrouwen dat daarvoor nodig is.”
Monica Adams & Folkert van Hagen | Foto boven: Frans Hanswijk - Foto beneden: Fred Ernst
Carbon Stories en Keilepand | Foto boven: Jacqueline Fuijkschot - Foto onder: Frans Hanswijk
Hoe sloten jullie aan bij de gebiedsontwikkeling van M4H?
Folkert: “Toen we hier een jaar zaten begon de gemeente met het maken van ideeën voor de ontwikkeling van dit gebied met een ruimtelijk raamwerk. Wij deden mee aan de participatieavonden die daarbij hoorden.”
Monica: “En in 2018 was M4H de test-site van de IABR. Toen zijn wij als KeileCollectief gestart met een serie van lezingen en debatten om te onderzoeken wat de duurzame ontwikkeling van het gebied kon betekenen. Dat hebben we twee jaar lang elke drie maanden gedaan. Toen werd duidelijk dat het ruimtelijk raamwerk echt wel ambitieus was. Het motto is collectiviteit als basis van circulariteit. Daaruit komen acht principes, onder andere over het delen van energie, de makers in het gebied, duurzame energie, klimaatadaptief ontwerpen, het behouden van het erfgoed en de identiteit van de plek.”
Folkert: “Met het organiseren van die avonden begonnen we te merken dat het collectief werkte. We konden samen overleggen wie we uit wilden nodigen, en we hadden steeds mensen aan tafel die elkaar nog niet kenden, omdat we uit een heel breed en groot netwerk konden putten. Van mensen die heel praktisch met circulariteit bezig waren, tot mensen die daar vanuit de overheid heel overkoepelend aan werken. Maar ook mensen uit de buurt.”
Jullie hebben het hele pand als collectief gekocht, waarom vonden jullie dat nodig?
Folkert: “De gemeente was eigenaar en we realiseerden wel dat zij uiteindelijk van het vastgoed af zouden willen. Dan konden we zomaar van een nieuwe eigenaar te horen krijgen dat ons huurcontract van tien jaar niet verlengd zou worden. Om dat te voorkomen hebben we aan de gemeente voorgesteld dat wij het gebouw zouden kopen. Ik zei: wij kunnen het dynamisch ontwikkelen en ieder jaar een stapje zetten zodat het meegroeit met de gebiedsontwikkeling. Het werd goedgekeurd, doordat we al vertrouwen hadden gekweekt. Toen we de officiële stukken kregen was het wel even schrikken, want vijftienduizend vierkante meter, wat gaan we daar mee doen? Dus dat hebben we weer met iedereen besproken. Het plan werd om een diversiteit aan bedrijven te huisvesten, met als gemene deler dat ze vormgeven aan een duurzame toekomst. We hebben een boekje gemaakt als KeileCollectief. Een soort businessplan, van wat we wilden realiseren en aanjagen. Toen de koop eenmaal rond was, hebben we enorm verbouwd. Zo zijn we van energielabel G naar A+ gegaan, en is het een gemeentelijk monument geworden.”
Hoe gaat het nu met het Keilepand?
Folkert: “Er gebeurt hier ontzettend veel! We hebben altijd tegen de bedrijven gezegd: je hoeft niet samen te werken maar het mag wel. In de praktijk merken we dat de bedrijven zich op allerlei manieren inzetten voor het collectief. Dat zorgt voor een bruisende dynamiek. En we zijn druk bezig met het programmeren van de zaal. Daar zit Monica nu eigenlijk volledig in.”
Monica: “We hebben een grote diversiteit aan achtergronden en beroepen in huis en de levert kruisbestuivingen op. Zeker sinds de komst van restaurant Cult=us en de club Export naar het pand, weten steeds meer mensen van buiten deze plek te vinden. Ik hoorde laatst iemand het zelfs de hotspot van Rotterdam noemen! We horen steeds dat mensen vinden dat het gebouw een fijne en creatieve energie heeft. Dat is precies waar we ons steeds voor in hebben gezet – en nog steeds doen, met veel liefde.”
Folkert: “We werken nu nauw samen met de andere partijen in dit gebied. Het is echt een nieuwe vorm van gebiedsontwikkeling, dus het was even zoeken naar de juiste organisatorische vorm. Ongeveer een jaar geleden hebben we een stichting opgericht die de belangen behartigt van de private partijen in het gebied. Met de stichting en de gemeente zitten we in een gebiedscoöperatie: een grote ronde tafel waaraan iedereen een even grote stem heeft. Iedere maand zitten we met de gemeente aan tafel, want de gemeente bezit zo’n 90% van de grond in dit gebied. Juist nu die organisatie geborgd is, merk je dat het gesprek beter wordt, mensen leggen hun kaarten op tafel. Zo komen we echt tot een veelstemmigheid aan inzichten over de vraag: hoe maken we dit stuk stad?”
Foto: Frans Hanswijk
Voor de RA Maand hebben jullie een tentoonstelling gemaakt, wat is daar te zien?
Monica: “Voor AIR stond M4H al een tijdje op het netvlies, en nu kwamen ze met de concrete vraag om hier het festivalhart van de RA Maand van te maken, met het motto van collectiviteit als basis van circulariteit. De Materialenwerf heeft een focus op de circulariteit en in onze tentoonstelling gaan we in op de collectiviteit. Er wordt al op veel plekken aan de stad gewerkt met gemeenschappen, collectieven, initiatieven en coöperaties. Dat zijn veel interessante netwerken en partijen die veel van elkaar kunnen leren. Dat willen we graag laten zien en bij elkaar brengen. En we trekken het ook breder, met voorbeelden uit de rest van Nederland. Het doel is steeds om de dialoog aan te gaan. De tentoonstelling is de basis voor de programmering, de starter voor het gesprek.”
De tentoonstelling ‘De kracht van de gemeenschap‘ is tot en met 28 juni te zien in het Keilepand.
Tentoonstelling RA Maand | Foto: Fred Ernst
Hoe ziet de toekomst van deze plek eruit?
Folkert: “Over vijfentwintig jaar staat hier een super interessant stukje Rotterdam, dat ongekend is. Maar het is onmogelijk om daar al een concreet beeld bij te vormen. We staan voor gigantische opgaves en daarvoor moeten we het experiment aangaan. En wat hebben we nog veel uit te zoeken en te leren. Soms vind ik alles veel te langzaam gaan, dan kan ik daar ongeduldig van worden. Maar als ik dan terugkijk en zie wat we in de afgelopen tien jaar voor elkaar hebben gekregen, zie ik dat we mooie stappen hebben gemaakt.”